Dagwoord: Wenen
De
mens huilt somtijds in zijn hedendagelijkse doen. Hij kan daarbij hevig snikken
om het wat emotioneler te maken. In een meer platter gevoelde bewoording kan
hij stevig janken. Ook beschaafd wenen behoort tot de mogelijkheden. Hij is
dan kennelijk diep bedroefd, maar wil toch enigszins ingehouden zijn tranen
plengen. In het zuiden van ons taalgebied weent men overigens meer dan in het
noorden, waar men bij voorkeur huilt. Het wenen geschiedt benoorden Vlaanderen
voornamelijk in literaire omgeving. Schreien kan natuurlijk ook. Vooral heel
kleine kinderen kunnen goed schreien. Ze kunnen ook grienen en krijten. Dat
laatste gaat dan door merg en been.
Wenen is eigenlijk het enige woord waar alleen op het opkomen van de waterlanders
wordt gedoeld. Met huilen, schreien, snikken, grienen, krijten en janken wordt
vooral de nadruk gelegd op het smartelijke geluid dat aan het storten van de
tranen gepaard gaat. Huilende wolven en jankende honden laten geen traan.
Een van de mooiste gedichtjes die de verder tegenwoordig minder leesbare Joost van den Vondel heeft geschreven is Kinder-lyck. Hij schreef het in 1632 na de dood van zijn zoontje. Door het binnenrijm ontstaat een krachtig en hoog tempo.
Kinder-lyck
Constantijntje, 't zaligh kijntje,
Cherubijntje, van om hoogh,
D'ydelheden hier beneden,
Uitlacht met een lodderoogh.
Moeder, zeit hy, waarom schreit ghy?
Waarom greit ghy op mijn lijck?
Boven leef ick, boven zweef ick,
Engeltje van 't hemelrijck
En ick blinck' er en ick drincker,
't Geen de schincker alles goets
Schenckt de zielen, die daar krielen,
Dertel van veel overvloets.
Leer dan reizen met gepeizen,
Naar pallaizen, uit het slick
Dezer werrelt die zoo dwerrelt.
Eeuwigh gaat voor ogenblick.
Joost
van den Vondel (1587 - 1679)
Het verdriet dat tot tranen toe roert, komt ons duimendik tegemoet in de echte smartlap. Honderden liedjes zorgen voor nattigheid. Hier enkele voorbeelden:
Hallo! Bandoeng! van Willy Derby (1886-1944)
't Kleine moedertje stond bevend
Op het telegraafkantoor
Vriendelijk sprak de ambtenaar: "Juffrouw
Aanstonds geeft Bandoeng gehoor"
Trillend op haar stramme benen
Greep zij naar de microfoon
En toen hoorde zij, o wonder
Zacht de stem van haren zoon
Hallo, Bandoeng
"Ja moeder, hier ben ik"
"Dag lieve jongen," zegt zij, met een snik
Hallo, hallo
"Hoe gaat het ouwe vrouw"
Dan zegt ze alleen
"Ik verlang zo erg naar jou"
"Lieve jongen," zegt ze teder
"Ik heb maanden lang gespaard
't Was me, om jou te kunnen spreken
M'n allerlaatste gulden waard"
En ontroerd zegt hij dan: "Moeder
Nog vier jaar, dan is het om
Oudjelief, wat zal 'k je pakken
Als ik weer in Holland kom"
refr.
"Jongenlief," vraagt ze, "hoe
gaat het
Met je kleine, bruine vrouw"
"Best hoor," zegt hij, en wij spreken
Elke dag hier over jou
En m'n kleuters zeggen 's avonds
Voor 't gaan slapen 'n schietgebed
Voor hun onbekende opoe
Met 'n kus op jouw portret
refr.
"Wacht eens, moeder," zegt hij
lachend
"'k Bracht mijn jongste zoontje mee"
Even later hoort ze duidelijk
"Opoelief, tabe, tabe"
Maar dan wordt het haar te machtig
Zachtjes fluistert ze: "O Heer
Dank, dat 'k dat heb mogen horen"
En dan valt ze wenend neer
Hallo! Bandoeng
"Ja moeder, hier ben ik"
Zij antwoordt niet, hij hoort alleen 'n snik
"Hallo, hallo" klinkt over verre zee
Zij is niet meer
En het kindje roept: "tabe"
Omdat het zo leuk is nog enkele fragmenten:
Huilen is voor jou te laat van
Corrie Konings
Huilen is voor jou te laat, ik kom niet meer
Wacht maar niet op mij, het is de laatste keer
Dat je mij bedrogen hebt, het is te laat
Want mijn liefde voor jou, dat is nu toch enkel haat
Een man mag niet huilen van Jaques Herb
Maar een man mag niet huilen
Ook al heeft hij verdriet
Een man mag niet huilen
Als een ander het ziet
Hij moet alles vergeten
En zich nooit laten gaan
Nee, neen man mag niet huilen
Zelfs geen enkele traan
Pappie, ik zie tranen in uw ogen van
Arno en Gratje
Pappie, ik zie tranen in uw ogen
Pappie, waarom hebt u zo'n verdriet
Pappie, ik zie tranen in uw ogen
Pappie, waarom zegt u mij het niet
Margrietje van Louis Neefs
Ach Margrietje, de rozen zullen bloeien
Ook al zie je mij niet meer
Door je tranen heen zul jij weer lachen
Net zoals die laatste keer
En al denk je "dat komt nooit meer
Dat komt nooit, nooit meer terug"
Ach Margrietje, de rozen zullen bloeien
Ook al zie je mij niet meer
Duizend tranen van Frans Bauer
Ons geluk dat is voorbij, jij gaat verder zonder mij
Al mijn liefde was voor jou, alleen voor jou
Bij jou kon ik gelukkig zijn, ja jij was mijn zonneschijn
Duizend tranen zeggen dat ik van je hou
In jouw ogen staat verdriet, maar hier blijven wil je niet
Schat ik vraag je, heb je dan misschien berouw
Jij gaf mij toch zoveel kracht, jij hebt mij geluk gebracht
Duizend tranen zeggen dat ik van je hou