Dagwoord: Sousbras

onderdrukkerDe mens zweet zich een ongeluk - dag in en nacht uit. Je kunt ook zeggen dat hij transpireert. Dat doet-ie eveneens voortdurend. Vroeger werd zweten maar ordinair gevonden. Nee, dan was transpireren toch heel wat beschaafder. Die gedachte is tegenwoordig vrijwel verdwenen, wellicht omdat er geen merkbaar verschil is in de gêne die door zweet- of die door transpiratieplekken wordt veroorzaakt. Er is overigens wel verschil tussen zweet en zweet. Het hele menselijke lijf bevat die natte kliertjes, echter alleen die onder je armen, bij je tepels en in je bilspleet zorgen voor een soms sterk irritante geur. In die regionen wordt het lichaamsvocht door bacteriën omgezet in een stinkende stof. Of je het echt vies vindt ruiken, hangt zowel van je gemoedsrust als van je gewenning af. Sommigen raken seksueel opgewonden van een zweetlucht, maar de meesten vinden de geur smerig. De mens zou de mens niet zijn als hij daar geen oplossing voor heeft weten te vinden. Behalve wassen, dat echt helpt als je het maar vaak genoeg doet, zijn er allerlei verhullende geurtjes die je in je oksels kan rollen, spuiten, wrijven of deppen.
Nog niet eens zo lang geleden werd de 'sousbras' in de strijd geworpen. De naam is beschaafd Frans en komt van 'sous' en  bras', letterlijk 'onder de arm'. De soubras is een in jurk of hemd genaaid schijfje van stof, zeemleer of rubberachtig materiaal, dat het kledingstuk afschermt van het okselwater. De schijfjes konden verkregen worden in de winkel voor fournituren, maar een creatieve huisvrouw maakte ze ook vaak zelf. Het okselbelegsel schoot zijn doel wel eens voorbij. P.A. Daum (1850-1898) beschreef dat beeldend in 1988 in zijn feuilletonroman 'Hoe hij Raad van Indië werd':
Fraai gevormde damesarmen lagen vochtig en klam op nattige mouwen van heeren-jassen: de geta-pertja sous bras van damesjaponnen teekenden zich van buiten af door een breeden uitgeslagen kring er om heen.
Geta-pertja is in de woordenboeken terug te vinden als 'guttapercha' dat van het Maleise 'getah pertjah' is afgeleid. Het is het ingedroogde melksap van enkele soorten tropische bomen en levert een heel soepele, rubberachtige stof op, zeg maar latex. Paulus Adrianus Daum richtte in 1985 in 'Ons Indië' het Bataviaansch Dagblad op en was tot zijn dood in 1898 er de hoofdredacteur van. Het woord sousbras kent officieel geen meervoud, maar toch lees je wel een enkele keer dat er sousbrasjes in de japonnen worden genaaid. Nou ja, als het maar helpt. Misschien is het weer tijd voor herinvoering van de sousbras in een modern jasje.
Niet alleen de afkeer van het zweten is menselijk. Ook het zweten zelf. De meeste andere zoogdieren hebben niet zo'n uitgebreid warmteregelingsapparaat. De hond moet bijvoorbeeld zijn tong behijgen en de olifant zijn giga oren laten wapperen om het gebrek aan zweetklieren te compenseren. Het paard, dat edele dier, is als de mens begiftigd met miljoenen fonteintjes in zijn huid. Vandaar dat we de uitdrukking '
zweten als een postpaard' kennen. Ook de uitdrukking 'zweten als een varken' komt wel voor, maar dat is een onmogelijkheid. Varkens zweten niet. Kennelijk vindt men zweten stom en is het gezegd 'zo stom als een varken' verbasterd. De uitdrukking 'zweten als een rund' bestaat ook en is in principe niet fout, omdat runderen wel degelijk warmte verliezen door vocht via de huid af te scheiden, zo heeft Emiel de Bruijn, die er voor heeft doorgeleerd, me verteld. Dat je toch geen van zweet druipende koeien in het veld ziet, ligt er aan dat die beesten zich lichamelijk niet zo hoeven in te spannen, heeft hij er aan toegevoegd. Het blijft dus een stomme vergelijking. Weer iets anders zijn de honderden vindplaatsen voor 'zweten als een otter'. De oorsprong moet wellicht gezocht worden in de vettige vacht van de otter, die daardoor altijd wat vochtig lijkt. Een sousbras zal dat niet kunnen verhelpen.