Dagwoord: Oele

Sancho y Quijote por Picasso"Ja, duh", krijg je wel eens schampertjes toegevoegd, waarmee maar aangegeven wil zijn dat aan je woorden geen waarde wordt gehecht. Het is een uit het Engels overgenomen uitdrukking. Het bestaat daar al meer dan een halve eeuw, maar is vooral de laatste tien jaar populair. De vermoedelijke oorsprong is de imitatie van een dommerik die even niet uit zijn woorden kan komen, zeg maar 'eh' in een versterkte vorm. De uitspraak van 'duh' is meestal verlengd tot een soort 'duhhuh', waarbij de tweede 'uh' lager klinkt dan de eerste. Bijzonder is dat in het Nederlands 'duh' vaak voorafgegaan wordt door 'ja', terwijl in het Engels het inleidende woordje meestal 'no' is. Dat badinerende 'duhhuh' wordt ook wel door het woordje 'dag' weergegeven, of het wat plattere 'doei'. Ook daar kan het tweelettergrepig uitgesproken woord door 'ja' worden ingeleid. Wel ligt in het gebruik van 'dag' of 'doei' nadrukkelijker een afwijzing besloten.
"Blijf je bij me ontbijten?"
- "Ja, doei!"

En dat betekent dus: hoe durf je het me te vragen domoor - nee, Nee, NEE!
Dat ligt een fractie anders bij het volgende voorbeeldzinnetje:
"Hij is populair met al dat geld van hem".
- "Ja, duhhuh!"

Dat geeft vooral aandat het een stomme opmerking is, want met geld ben je kennelijk altijd popi.

In vroegere tijden hadden we in plaats van 'duh', 'dag' of 'doei' een ander tussenwerpsel om minachtend te zeggen dat iemand met zijn uitspraak zijn domheid etaleert. Het is 'oele'. Ook dat woord werd vaak voorafgegaan door 'ja'. Soms werd het gevolgd door een andere badinerende term, zoals 'het mocht wat' of 'fluiten!'. 'Oele' is te herleiden op het volledig verdwenen woord 'oel', dat iets van generlei waarde aangaf, een prul. We komen dit woord nog wel tegen in de samenstelling 'oelewapper', waarbij 'wapper' verwijst naar een slungel, kortom een waardeloze vent. Overigens is een andere verklaring dat dit woord 'oele' verwijst naar 'pot' (olla) en 'wapper' zou de snelle beweging van handen representeren en een oelewapper is daardoor een pottenbakker. Waarom je daar dan voor uitgescholden kan worden, blijft een beetje duister. Door sommigen wordt een verband met de uilenvleugel ook niet uitgesloten. Maar ook hier prangt de vraag waar de negatieve betekenis vandaan komt.
In het kader van een nobel streven om domme mensen niet extra te beledigen door hun gestamel te imiteren, is een herintroductie van 'oele' zeer aan te bevelen.
"
Ja, oele!"

Pieter Langendijk ( 1683-1756) schreef zijn eerste toneelwerk 'Don Quichot op de bruiloft van Kamacho' omstreeks 1712. Hij haalde het onderwerp uit een episode in het beroemde verhaal van Cervantes.

DON QUICHOT.
Staa Ridder, wat heeft die .....
SANCHE.
Ja oele, hy gaet fluiten
Wou jy die veugel in zyn vlucht zo makk'lyk stuiten?