Het en de logmetertje 

De elektronische dag- of aantekenboeken zijn booming business. Ze komen je alle kanten tegemoet op Internet. Wie niet een weblog heeft, is hopeloos verouderd en op zijn minst deerlijk contactgestoord, zo lijkt het. De onderwerpen van al die webloggen of bloggen zijn zeer divers en soms vraag je je wel eens af of de goegemeente wel zo geïnteresseerd is in weer een prietpraatpaginaatje op het Internet. Het web blijkt echter een sterk zelfreinigende functie te hebben. Als de dagteller aan bezoeken langere tijd op bijna nul blijft staan, verdwijnt de animo tot een regelmatige verversing al snel. Zo zijn er dagboeken over de matige kwaliteit van de eigen excrementen, die kennelijk al maanden, en naar we hopen voor altijd, last hebben van verstopping.

Het woord 'weblog' en de olijke afkorting 'blog' is afgeleid van de langer bekende samenstelling 'logboek' of het Engelstalige 'logbook'. Het is het boek dat in de scheepvaart werd gebruikt om de gegevens van de vaart in op te tekenen. Een andere benaming is scheepsjournaal. De log was een blokje hout dat aan een touwtje overboord werd gegooid om te zien hoe snel wordt gevaren. Dat kon overigens op meerdere manieren. De meest eenvoudige was om te meten hoe ver het blokje in een bepaalde tijd achterbleef. De meer ingewikkelde was de draaiingen van het speciaal daar voor gevormd blokje te tellen. Hoe sneller het blokje draaide, hoe harder het ging. Het instrument en de naam zijn waarschijnlijk van de Engelsen overgenomen. Het is verleidelijk om bij logboek direct een verbinding met het Engelse woord 'log' in de betekenis van 'houtblok' te maken, maar volgens sommigen moet eerder aan het Arabische woord voor plankje (dat als 'lauh' klinkt) worden gedacht. De Arabieren zouden al eerder tot metingen in staat zijn geweest. Naast 'de log' is er ook 'het log', dat in de oudheid 'leugen' betekende. Coornherts uitspraak (1598) "Sonder logh is gheen bedrogh" is natuurlijk te mooi om hier weg te laten.

Maar hoe vul je nou je weblog? Een van de mogelijkheden is dat je iets min of meer opvallends ziet en dat dan opschrijft. Daar zitten heel aardige stukjes bij die kwalitatief kunnen wedijveren met vele professionele columns. De onderwerpen kunnen ook dan lukraak zijn, maar in een groot aantal gevallen heeft de steller zich beperkt tot een bepaald gebied. Een fraai voorbeeld uit de categorie zijn de vele schooljuffen die een elektronisch dagboek er op na houden. En, het moet gezegd, de kwaliteit is zeker niet onaardig, wat weer hoop geeft voor de toekomst van het onderwijs.
Een andere mogelijkheid voor een regelmatige vulling van je webdagboek is de interactie die ontstaat door te reageren op de weblogs van anderen. Een kenmerk van de bloggemeenschap is dat uitgenodigd wordt om te reageren. Vaak worden die reacties direct zichtbaar gemaakt en is de hoogte van het aantal reacties bepalend voor het succes.
De vraag of er een pikorde is in het openbare wereldje van de blogcommunity, kan alleen na een uitgebreide sociologische studie worden beantwoord. Wel is zichtbaar dat de ene blogger meer geciteerd wordt dan de ander ("Ik las dat hij/zij dit of dat heeft geschreven en ik vind er dit van"). De citaatkracht is niet alleen afhankelijk van het leesvermogen van andere bloggers, maar ook van het talent om bij elkaar te reageren en dan te verwijzen naar de eigen ontboezemingen.
Opmerkingen over de elektronische versie van het woordenreservaat zijn op deze manier van de ene blogger in de files van de andere terechtgekomen. De uitspraken over de meer uitgebreide papieren versie is bij weer een andere blogger naar de ene gegaan. Omdat vrijwel allen zo aardig en oprecht zijn bij het reservaat te melden hoe ze aan hun 'stukkie' zijn gekomen, is er een aardig inzicht ontstaan in de loop der dingen. De socioloog die de bewegingen in blogland wil bestuderen, kan zich
hier melden.

In één van de blogbemerkingen werd gesteld dat het papieren reservaat louter een kopie is van de elektronische versie. Dat moet subiet worden weersproken. De webversie is geschreven om van een beeldscherm te lezen en de boekversie om van papier te lezen. Dat heeft een aantal consequenties. De papieren versie kent bijvoorbeeld nauwelijks onderlinge verwijzingen ('linken' is aan het web voorbehouden), maar kan makkelijker doorgebladerd worden. Bovendien bevat het boek aanmerkelijk meer trefwoorden. Bij het persklaar maken stonden namelijk voortdurend nieuwe woorden te dringen. De schrijver kon en wilde ze niet teleurstellen...