Dagwoord: Falie
In veel vroegere tijden
was een falie een regenmantel met kap zonder mouwen. Tegenwoordig wordt een
dergelijk kledingstuk poncho (naar het Spaans) genoemd. In de jaren zestig zag
je hele slierten schoolkinderen op de fiets zich met dit toen zo 'blitse' kledingstuk
tegen de regen beschermen. De voorflap, die vanaf je schouders over het stuur
hing, werd overigens in het gebruik iedere keer snel gevuld met een fikse plas
water. Bij het afstappen leegde die zich volautomatisch
zodat je alsnog natte voeten kreeg. Nu wordt deze door een capuchon bij elkaar
gehouden voor- en achterflap vooral gebruikt door rugzaktoeristen. De vormloosheid
van de poncho zorgt er voor dat ook de bagage op de rug uit de regen wordt gehouden.
Het woord 'falie' houdt tegenwoordig nog alleen stand in de uitdrukking 'op
je falie krijgen' dan wel 'iemand op zijn falie geven'. De oorsprong van het
woord is duister. Misschien is het terug te leiden op het vulgair Latijn. Voorts
meent menigeen dat het Franse 'faille' (met de betekenis 'grove stof') van het
Middelnederlandse 'falie' afkomstig is. Zie voor een soortgelijke geschiedenis
ook bij potas.
Dat iemand op z'n regenjas krijgt als hij iets verkeerds heeft gedaan, is in
de Nederlandse taal niet uniek. Een soortgelijke betekenis is ook terug te vinden
in uitdrukkingen als 'iemand de mantel uitvegen', 'op z'n tabberd krijgen' en
'op z'n vodden slaan/geven'. Haast vanzelfsprekend moeten we ook 'iemand die
voor z'n broek krijgt' erbij betrekken, evenals degene die 'op z'n vestje wordt
gespuugd'. Wellicht is de oorsprong simpel: wie er van langs kreeg met bijvoorbeeld
de karwats, hoefde zich niet altijd eerst te ontkleden. Dat spoort dan weer
met 'het stof uit iemands broek of jas kloppen'. De falie is dus in meer opzichten
beschermende kleding.
Overigens, 'faliekant' is niet een kunstig gevlochten poncho, maar de ronde
buitenzijde van een plank die uit een boomstam is gezaagd. Die kant heeft dus
een gebrek. 'Falie' komt hier van 'faalje', hetgeen fout betekent. Tja en dat
is net als het Engelse 'failure' uit het Latijn gehaald.
Er is een heel bekend liedje waarin in één van de vele versies wordt gedreigd de falie uit te kloppen. De melodie is afgeleid van het bekende 'Oh my darling Clementine', maar moet aanmerkelijk meer gedragen worden gezongen. De gitaarakkoorden zijn bijgevoegd om het verblijf bij een kampvuur te kunnen veraangenamen.
D
Aan de oever, van de Rotte,
A7
Tussen Delft en Overschie,
D
Zat een kikvors luid te wenen,
A7 D
Met een zuig'ling op haar knie.
Lieve kleine, sprak de
moeder,
Zie je ginds die ooievaar?
't Is de moord'naar van je vader,
Hij vrat 'm op, met huid en haar.
Potverdomme, sprak de
kleine,
Heeft die rotzak dat gedaan?
Als ik later groot en sterk ben,
Za 'k 'm op, z'n falie slaan.
Nauw'lijks had hij dat
gesproken
of d'ooievaar kwam eraan,
pakte de kleine bij zijn lurven
en het was met hem gedaan.